Meer merken van

7 regels

voor het aanlichten van kunst

Maak zichtbaar wat de kunstenaar bedoelt

1. Een goede (kleur)weergave van het kunstwerk

Zorg voor een juiste kleurweergave. Dat doen wij van het LiAS-team aan de hand van de kleurweergave-index (CRI). Voorkom reflecties van bijvoorbeeld daglicht en let op een gelijke verdeling van licht op een schilderij. Zelfs de schaduw van de lijst kan van invloed zijn op hoe licht op het doek valt. Ook is het belangrijk dat er zowel horizontaal als verticaal voldoende lichtniveau is. Lichtontwerpers duiden dit aan met lux, een eenheid van verlichtingssterkte. Ook is het zaak te zorgen voor juiste verhouding tussen schaduw en licht en voldoende contrast, vooral bij een plastiek.

 

2. Licht en de beleving van de ruimte met kunst

Museumverlichting mag aantrekkelijk zijn. Je wil immers dat bezoekers een mooie ervaring hebben. Anders dan bij architectuur dient verlichting in een museum de ruimte te dienen. Natuurlijk moet museumverlichting zeker ook het doel van de conservator ondersteunen.


3. Daglicht

De combinatie van dag- en kunstlicht kan prachtig zijn. Daglicht is belangrijk voor het welbehagen van de bezoeker. Het geeft contact met buiten en een gevoel van tijd. Toelaten van daglicht gebeurt nooit direct. Voor het behoud van de kunstwerken is het nodig om uv-straling in daglicht te weren met verf, translucent glas of met doek. Licht vanuit het noorden is het meest constant qua samenstelling en intensiteit.

 

4. Behoud van kunstwerken

Het kan zijn dat er een limiet gesteld wordt aan de hoeveelheid direct kunstlicht op een doek. Zet slimme verlichting in. Bijvoorbeeld licht dat meegaat met de bezoekersstroom. Alleen wanneer het nodig is, is er dan licht.

 

5. Reflectie

Hinderlijke reflectie van kunstlicht is een aandachtspunt. Vooral bij schilderijen met een beschermende maatregel, bijvoorbeeld glanzende vernis of een plaat helder glas of kunststof, kan dit worden voorkomen door de juiste afstand tussen armatuur en object heel nauwkeurig uit te meten.

6. Flexibiliteit en aansturing

De verlichting moet zich kunnen aanpassen aan wisselende tentoonstellingen. Een lichtconcept laat een vrije indeelbaarheid van de expositie toe maar het aanlichten van de architectuur blijft constant. Dynamische en slimme verlichting maakt het mogelijk om de lichtbeleving aan te passen aan de daglichtsituatie en aan hoe lang bezoekers aanwezig zijn.

 

7. Investering en duurzaamheid

Beperk de energiekosten door gebruik te maken van LED-verlichting en door smart lighting toe te passen, met bijvoorbeeld sensoren. Tip: gaat je aandacht in het bijzonder uit naar onderhoud en levensduur? Kijk dan zeker even naar wat circular lighting je te bieden heeft.

7 Rules of thumb bij het aanlichten van Kunst